Primaire doel

Het primaire doel van het NEUROTREND onderzoek is om op basis van hersenscans het verloop van een depressie te voorspellen. Ook willen we beter begrijpen waarom sommige mensen reageren op een behandeling voor depressie, terwijl voor andere, dezelfde behandeling niet helpt. Dit zullen we doen door het identificeren van zogeheten MRI-gebaseerde biomarkers. Deze MRI-gebaseerde biomarkers zijn zowel fysiologische veranderingen of bevindingen in de hersenen die we kunnen meten met MRI-scans, als indicators voor de toestand van een depressie, zoals bijvoorbeeld de ernst of symptomen. Voorbeelden van fysiologische veranderingen of bevindingen in de hersenen zijn het volume, de activiteit en de connecties van en tussen verschillende hersendelen. Naast de scans zal ook de ernst van de depressie periodiek worden afgenomen zodat we de effectiviteit van de behandeling kunnen bepalen. Door de MRI-gebaseerde biomarkers en effectiviteit van de behandeling te combineren hopen we voorspellingen te kunnen doen voordat een behandeling wordt ingezet.

Secundaire doelen

De volgende secundaire doelen zijn opgesteld voor het NEUROTREND onderzoek. Deze kunnen bijdragen aan het beantwoorden van de hoofdvraag maar zullen ook inzicht geven in de relaties tussen MRI-biomarkers en depressiesubtypes en -symptomen.

  • Psychiatrische evaluatie van depressie en gerelateerde comorbiditeiten door middel van vragenlijsten en de (medische) voorgeschiedenis:
    Voor deze doelstelling zullen we de op MRI-gebaseerde determinanten van comorbiditeiten en psychiatrische symptomen van depressie identificeren en evalueren. Dit willen we bereiken door bevindingen of veranderingen in de hersenen te onderzoeken en te correleren met uitkomstmaten van vragenlijsten en de (medische) voorgeschiedenis. De vragenlijsten en (medische) voorgeschiedenis kunnen comorbiditeiten of specifieke symptomen van de depressie aan het licht brengen, die mogelijk gecorreleerd zijn met hersenveranderingen of -bevindingen zoals te zien in MRI-scans. Een voorbeeld van een bevinding zou kunnen zijn dat activatie in de amgygdala geassocieerd is met depressie in combinatie met ernstige angstsymptomen.

  • Cognitieve evaluatie van depressie door middel van eye-tracking en andere psychometrische bepalingen:
    In deze doelstelling zullen we de op MRI-gebaseerde determinanten van cognitieve beperkingen bij depressie identificeren en evalueren. Dit willen we bereiken door bevindingen of veranderingen in de hersenen te onderzoeken en te correleren met uitkomstmaten van cognitieve tests en eye-tracking. Deze tests zouden de cognitieve beperkingen van depressie aan het licht kunnen brengen, die mogelijk zijn gecorreleerd met hersenveranderingen of -bevindingen zoals te zien in MRI-scans. Een voorbeeld van een bevinding zou kunnen zijn dat er een verminderde connectiviteit te zien is tussen hersengebieden die onderdeel zijn van een cognitief netwerk (bijvoorbeeld dorsal attention network) bij patiƫnten met cognitieve beperkingen tijdens een eye-track taak.